Nederlandse contractcateraars hebben zich de afgelopen jaren uitgesproken voor een verschuiving naar meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten in hun aanbod. Daarmee willen zij bijdragen aan klimaatdoelen en een duurzamer voedselsysteem. De eerste gezamenlijke meting binnen het Eiweet-convenant laat echter zien dat die omslag in de praktijk nog niet zichtbaar is. Het aandeel plantaardige eiwitten in de inkoop van de deelnemende cateraars is vorig jaar zelfs licht gedaald.
Appèl, Compass Group Nederland, Food&i, Hai en Vitam hebben voor het eerst gezamenlijk inzicht gegeven in hun inkoop van dierlijke en plantaardige eiwitten. De meting is uitgevoerd volgens de Eiweet-methode van ProVeg Nederland en de Green Protein Alliance.
In 2024 bestond 42,8% van de ingekochte eiwitten uit plantaardige bronnen. Een jaar later kwam dat aandeel uit op 41,8%. Het aandeel dierlijke eiwitten steeg daarmee van 57,2% naar 58,2%. De deelnemende cateraars zijn actief in onder meer bedrijfsrestaurants, zorginstellingen en onderwijsinstellingen. Volgens de initiatiefnemers geven de cijfers een eerste beeld van de eiwitverhouding binnen de Nederlandse contractcatering.
De meeste deelnemende cateraars streven naar minimaal 60% plantaardige eiwitten in 2030. De huidige ontwikkeling past niet bij die ambitie. Volgens Jessie van Hattum van de Green Protein Alliance blijft gedragsverandering een uitdaging. “Er is een breedgedragen wens onder Nederlandse burgers om meer plantaardig te eten. Desondanks horen we van de deelnemende cateraars dat veranderingen in het menu nog vaak op weerstand stuiten bij de gasten.”
Uit de meting blijkt dat beide plantaardige productcategorieën licht terrein verloren. Tegelijkertijd nam het aandeel dierlijke eiwitten toe. Ook producten die zowel dierlijke als plantaardige ingrediënten bevatten, wonnen aan aandeel.
Cateraars zetten verschillende maatregelen in om de eiwittransitie te ondersteunen. Het aanbod van plantaardige gerechten is de afgelopen jaren uitgebreid. Daarnaast worden vaker hybride producten ingezet, waarbij dierlijke ingrediënten deels zijn vervangen door plantaardige ingrediënten.
“Cateraars hebben meer dan andere voedselaanbieders de kans om consumenten te laten proeven hoe lekker plantaardig eten kan zijn”, zegt Martine van Haperen van ProVeg Nederland.
Het rapport laat tegelijkertijd zien dat vlees- en zuivelproducten nog altijd een groot deel van de inkoop vertegenwoordigen. Ook de inkoop van volledig plantaardige of plantaardig verrijkte producten blijft volgens de onderzoekers beperkt ten opzichte van de grote volumes dierlijke producten.
Bron: ProVeg