Welke schadelijke stoffen zitten in vleesvervangers?
Ondernemers sociëteit voedingsindustrie
B2B Communications
Wallbrink Crossmedia
Kijk ook eens op

Welke schadelijke stoffen zitten in vleesver­van­gers?

  • 08 mei 2026

Steeds meer consumenten ruilen vlees, melk en kaas in voor plantaardige alternatieven. De schappen liggen er vol mee. Van haverdrinks tot vegetarische burgers. Maar die verschuiving brengt ook nieuwe vragen mee voor producenten en toezichthouders. Welke stoffen krijgen consumenten eigenlijk binnen via deze producten? Het RIVM onderzocht daarom de meest gegeten vlees- en zuivelvervangers van Nederland. In opdracht van de NVWA keek het instituut naar schadelijke stoffen die in deze producten kunnen voorkomen.

Andere stoffen dan in vlees en zuivel

Via voeding krijgen mensen dagelijks allerlei stoffen binnen. Niet alleen voedingsstoffen, maar ook schadelijke stoffen. Sommige komen van nature voor in grondstoffen. Andere ontstaan tijdens productieprocessen.

Volgens het RIVM is een voedingspatroon met minder dierlijke producten goed voor klimaat en gezondheid. Tegelijkertijd bevatten plantaardige producten soms andere schadelijke stoffen dan vlees, melk en kaas.

Daarom bracht het instituut in kaart welke stoffen voorkomen in kant-en-klare plantaardige alternatieven. Het ging daarbij om producten die Nederlanders veel consumeren.

Zware metalen en schimmelgifstoffen

In totaal identificeerde het RIVM 33 stoffen en stofgroepen. Daaronder vallen bijvoorbeeld zware metalen en schimmelgifstoffen. Veel van die stoffen komen overigens ook voor in dierlijke producten.

Voor twaalf stoffen of stofgroepen vindt het RIVM extra onderzoek belangrijk. Daarmee moet duidelijk worden of consumenten mogelijk te veel van deze stoffen binnenkrijgen wanneer zij dierlijke producten vervangen.

Bij tien stoffen bleek beoordeling nog niet mogelijk. Daarvoor ontbreekt volgens het instituut voldoende informatie.

Kleine bijdrage van cadmium en lood

Voor twee stoffen kon het RIVM wel een beoordeling maken: cadmium en lood. Uit die analyse blijkt dat plantaardige alternatieven slechts beperkt bijdragen aan de totale hoeveelheid cadmium en lood die consumenten via voeding binnenkrijgen.

Het onderzoek keek alleen naar stoffen die mensen mogelijk meer binnenkrijgen bij een meer plantaardig voedingspatroon. Stoffen waarvan consumenten juist minder kunnen binnenkrijgen, zijn buiten beschouwing gelaten.

Rivm.nl

Bron: RIVM