Wie in 2026 wil investeren in energiezuinige technieken, krijgt daarvoor meer fiscale ruimte. Het budget voor de Energie-investeringsaftrek (EIA) stijgt naar € 460 miljoen. Dat is € 29 miljoen meer dan in 2025. De regeling blijft daarmee een belangrijk middel om energiebesparing en CO₂-vermindering te stimuleren.
Voor veel bedrijven, waaronder producenten in de voedingsindustrie, speelt energie een steeds grotere rol in de kostenstructuur. Investeringen in efficiëntere installaties en gebouwen worden via de EIA fiscaal aantrekkelijker gemaakt. Zo wil de overheid duurzame economische groei blijven ondersteunen.
De basis van de EIA is de Energielijst. Daarop staan innovatieve, energiebesparende en duurzame technieken. Ondernemers die investeren in bedrijfsmiddelen van deze lijst, mogen 40 procent van de investeringskosten aftrekken van hun fiscale winst. Dat levert direct belastingvoordeel op.
De aanvraag loopt via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). In overleg met het ministerie past RVO de Energielijst ieder jaar aan. Voor 2026 zijn opnieuw bedrijfsmiddelen toegevoegd en verwijderd. Ook zijn eisen aangescherpt of verruimd, zodat de lijst aansluit bij ontwikkelingen in de markt.
De voorwaarden voor kleinschalige zonne-energie-installaties zijn verruimd. De afschaffing van de salderingsregeling vanaf 2027 heeft vooral invloed op de terugverdientijd van kleinere systemen. Daarom is het maximale gezamenlijke piekvermogen verhoogd van 55 naar 100 kilowatt.
Ook voor elektriciteitsopslag is er meer ruimte. Ondernemers krijgen belastingvoordeel voor meer typen accu’s. Accu’s met vloeibaar lood-zuur vallen hier buiten. Deze zijn minder efficiënt en komen daarom niet langer in aanmerking.
De Energielijst bevat in 2026 ook investeringen gericht op verduurzaming en circulariteit. Zo staat de renovatie van bestaande luchtbehandelingskasten op de lijst. Door deze te verduurzamen, daalt het energieverbruik en wordt de levensduur verlengd.
Daarnaast is hernieuwbare, biobased isolatie opgenomen. Omdat deze materialen duurder zijn, geldt hiervoor een hoger belastingvoordeel dan voor gangbare isolatie. Op de lijst staan vanaf 2026 vrijwel alleen warmtepompen met halogeenvrije koudemiddelen. Ook toepassing in nieuwe bedrijfsgebouwen komt in aanmerking.
Voor verwarmingsketels op fossiele brandstoffen, bedoeld als hoofdverwarming, vervalt het belastingvoordeel. Tegelijkertijd zijn nieuwe innovatieve technieken toegevoegd, zoals een elektrisch aangedreven agrarische drone, energiezuinige afvalwaterbeluchting en een aerodynamische vrachtwagencabine.
Bron: RVO