De Nederlandse varkensslacht is in het eerste kwartaal van 2026 verder teruggelopen. Slachterijen verwerkten het laagste aantal dieren in ruim vijftien jaar. De krimp in de varkenshouderij werkt daarmee direct door in de keten.
Tot en met week 14 zijn in totaal 3.733.125 varkens geslacht. Dat blijkt uit cijfers van RVO, geanalyseerd door DCA Market Intelligence. Dat zijn circa 300.000 dieren minder dan een jaar eerder, een daling van 7,4%. De afname volgt op de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv). Bedrijven die deelnamen moesten uiterlijk eind 2025 hun stallen leegmaken.
Hoewel het grootste effect inmiddels is verwerkt, blijft de impact zichtbaar. Het aantal varkens in Nederland daalde in 2025 tot onder de 10 miljoen. Dat is het laagste niveau in ongeveer 45 jaar.
De huidige cijfers passen in een bredere trend die sinds 2022 zichtbaar is. In het eerste kwartaal van 2021 werden nog ruim 4,5 miljoen varkens geslacht. Het huidige niveau ligt daarmee circa 780.000 dieren lager. Dat komt neer op een daling van ruim 17% in vijf jaar tijd. Wel worden varkens gemiddeld zwaarder geslacht. Daardoor is de daling in vleesproductie minder sterk.
Slachterijen hebben de afgelopen jaren meer dieren uit exportstromen aangetrokken. Het ging vooral om varkens die eerder naar buitenlandse slachterijen gingen, zoals in Duitsland. Die ruimte is inmiddels vrijwel verdwenen. De export daalde van circa 930.000 vleesvarkens in 2016 naar ongeveer 100.000 in 2026.
De verwerkingscapaciteit van Nederlandse slachterijen ligt op ruim 300.000 varkens per week. In de krapste weken van het eerste kwartaal kwam het aanbod uit op circa 270.000 dieren, inclusief import. Met het oog op het lagere aanbod in de zomer lijkt volledige benutting van de capaciteit niet haalbaar.
Of het krappere aanbod leidt tot hogere prijzen is onzeker. Slachterijen opereren in een exportgerichte markt en zijn afhankelijk van afzet in Europa. Daar is het aanbod momenteel ruim, onder meer door hogere dieraantallen in Spanje, Duitsland en Denemarken. De zelfvoorzieningsgraad ligt volgens Wageningen University & Research rond de 300%. Dat zorgt voor een spanningsveld tussen aanvoer en afzetmogelijkheden.
Bron: DCA Market Intelligence