De Europese Commissie wil dat bij aanbestedingen meer telt dan alleen de prijs. Kwaliteit moet daarbij een grotere rol krijgen. Dat raakt ook voedingsbedrijven die leveren aan publieke organisaties. De inkoop van voedsel krijgt in het voorstel een eigen artikel. De regels zijn nog niet definitief: het Europees Parlement en de Raad onderhandelen er nog over.
De Commissie kwam op 9 september 2026 met het voorstel. Publieke inkopers mogen kwaliteit en duurzaamheid opnemen in specificaties en gunningscriteria. Ook mogen zij voorwaarden stellen aan de uitvoering van het contract. Alle criteria moeten rechtstreeks verband houden met de opdracht.
Het voorstel noemt eerlijkheid en transparantie binnen de voedselketen. Ook een eerlijke vergoeding voor betrokken boeren kan meetellen. Daarnaast kan de inrichting van de voedselketen een rol spelen.
Biologische productie en geografische aanduidingen kunnen eveneens meetellen. Hetzelfde geldt voor andere productiemethoden en eisen aan dierenwelzijn. Ook voedingswaarde, gezondheidseffecten, versheid en seizoensgebonden aanbod kunnen meewegen.
De beste prijs-kwaliteitverhouding wordt volgens het voorstel de standaard. In beginsel bepalen kwaliteitscriteria minimaal 30 procent van de totaalscore. Bij arbeidsintensieve contracten bedraagt dat aandeel minimaal 50 procent.
Inkopers mogen hiervan afwijken wanneer zij kwaliteit anders waarborgen. Dat kan bijvoorbeeld via specificaties of voorwaarden in het contract. Zij moeten deze keuze in de openbare samenvatting van de aanbesteding motiveren.
Drie bestaande richtlijnen maken plaats voor één verordening die rechtstreeks geldt. Het aantal aanbestedingsprocedures daalt van vijf naar drie. Een digitaal netwerk moet de nationale aanbestedingsplatforms met elkaar verbinden. Bedrijven hoeven gegevens en documenten daardoor maar één keer aan te leveren.
Publieke inkopers moeten ook overwegen opdrachten in percelen te verdelen. Daarbij moeten zij de mogelijke deelname van het mkb meewegen. De Commissie verwacht jaarlijks 650 miljoen euro aan administratieve besparingen.
Bron: Europese Commissie