De Cyberbeveiligingswet treedt op 15 augustus 2026 in werking. Daarmee krijgt Nederland een nationale uitwerking van de Europese NIS2-richtlijn. Organisaties in essentiële en belangrijke sectoren krijgen strengere eisen voor informatiebeveiliging, bestuur en risicomanagement. Ook bedrijven die aan deze organisaties leveren, kunnen ermee te maken krijgen.
De Tweede Kamer nam het wetsvoorstel voor de Cyberbeveiligingswet op 15 april 2026 aan. De Eerste Kamer keurde de wet op 7 juli 2026 goed. Daarmee treedt de wet op 15 augustus 2026 in werking.
NIS2 staat voor Network and Information Security Directive. Deze Europese richtlijn moet de digitale weerbaarheid van lidstaten versterken. Voor organisaties in essentiële en belangrijke sectoren gelden strengere eisen voor cybersecurity. Of een organisatie onder de wet valt, hangt af van meerdere factoren. Sector, omvang en activiteiten spelen daarbij een rol. De overheid heeft een zelfevaluatietool ontwikkeld. Daarmee kunnen organisaties nagaan of de wet voor hen geldt.
Organisaties die onder NIS2 vallen, moeten passende maatregelen aantoonbaar hebben genomen. Dat geldt voor informatiebeveiliging en business continuity management. De wet brengt onder meer bestuurlijke aansprakelijkheid met zich mee. Ook komt er een expliciete zorgplicht. Ernstige cyberincidenten met maatschappelijke impact vallen onder een meldplicht. Daarnaast geldt een opleidingsplicht.
De wet raakt ook organisaties buiten de directe doelgroep. Bedrijven die producten of diensten leveren aan organisaties onder NIS2, kunnen te maken krijgen met ketenverantwoordelijkheid.
Onder NIS2 moeten organisaties passende eisen stellen aan toeleveranciers. Ook moeten zij toezien op de juiste uitvoering van maatregelen. Dat gebeurt op basis van de risico’s binnen de dienstverlening. Voor ketenpartijen in de voedingsindustrie is dit relevant. De wet vraagt om voorbereiding op cybersecurity, bestuur en risicomanagement.
Bron: DNV