De Vereniging voor de Nederlandse Vleeswarenindustrie zet de monitoring van voedselverspilling voort. Dit jaar sluiten Danish Crown, Sigma Benelux en DeliBarn aan bij de groep. Ruim de helft van de gezamenlijke productie is hiermee in kaart gebracht. De resultaten uit 2025 laten gemiddelde reststromen zien van 4,2 en 4,4 procent. Dit betreft respectievelijk het verwerken en het snijden van de vleeswaren.
Deze reststromen tellen niet direct als voedselverspilling voor de sector. Externe partijen verwerken de stromen tot diervoer of via vergisting. Diervoer blijft in de keten en geldt niet als verspilling. Het deel voor de vergisting telt wel als verspilling. De exacte verdeling tussen deze twee stromen is nog onbekend. Meer dan de helft eindigt als diervoer of petfood. Richard van der Kruijk, secretaris van VNV: “Bedrijven zijn steeds beter in staat reststromen die eerder buiten beeld bleven nauwkeuriger in kaart te brengen. Doordat de deelnemers nog beter meten en betere inzichten krijgen, kunnen ze gerichter actie ondernemen om zoveel mogelijk grondstoffen tot waarde te brengen.”
De vleeswarenindustrie kent specifieke uitdagingen die de cijfers beïnvloeden. Strenge wet- en regelgeving bepaalt wat er met dierlijke reststromen mag gebeuren. Nederland kent daarnaast een uitzonderlijk breed en divers assortiment vleeswaren. Ook consumentenvoorkeuren spelen een grote rol bij de verspilling. In Nederland worden de uiteinden van gesneden worst doorgaans niet verkocht. In buurlanden zoals Duitsland is dit wel gebruikelijk.
De monitor biedt een eenduidige meetmethode voor het productieproces. Het helpt bij het berekenen van de CO₂-voetafdruk en duurzaamheidsrapportages. Alle data wordt anoniem verwerkt voor een veilige benchmark. De nieuwe monitor gaat volgend voorjaar weer van start. Bedrijven kunnen zich aanmelden via VNV of Samen Tegen Voedselverspilling.
Bron: Samen Tegen Voedselverspilling