Telersorganisaties verliezen leden en marktaandeel
Ondernemers sociëteit voedingsindustrie
B2B Communications
Wallbrink Crossmedia
Kijk ook eens op

Telersor­ga­ni­sa­ties verliezen leden en marktaan­deel

  • 17 september 2026

Op papier is het idee krachtig: telers bundelen hun aanbod, delen investeringen en onderhandelen gezamenlijk met kopers. In veel EU-landen blijkt de praktijk weerbarstiger. Producentenorganisaties verliezen terrein en grote detailhandelaren houden de sterkere positie. Zelfs aanzienlijke EU-steun verandert dat beeld niet. De Europese Rekenkamer beoordeelde of de steun de concurrentiekracht vergroot en het lidmaatschap aantrekkelijker maakt. Nederland neemt binnen dat Europese beeld een opvallende positie in.

Ledenaantal daalt

Tussen 2012 en 2023 daalde het aantal aangesloten landbouwers met 39 procent. Ook verloren producentenorganisaties marktaandeel. Grotere organisaties kunnen meer volume en een breder assortiment aanbieden. Daarmee staan zij sterker tijdens onderhandelingen met grote kopers.

In veel lidstaten zijn producentenorganisaties echter te klein of onvoldoende bekend. Volgens de Rekenkamer remmen ongelijke nationale steun en ingewikkelde EU-regels de ontwikkeling. De Europese Commissie ondernam onvoldoende actie om deze problemen aan te pakken.

EU-steun voor investeringen

In 2023 ontvingen producentenorganisaties 1,06 miljard euro aan EU-steun. Het geld ging naar modernere apparatuur en automatisering van de productie. Ook investeerden zij in energie- en waterbesparing, kwaliteitscertificaten, verpakkingen en logistiek. Verder ontwikkelden de organisaties kwaliteitslabels die consumenten herkennen.

De steun hangt samen met de waarde van de op de markt gebrachte productie. Daardoor hebben organisaties belang bij omzetgroei en afstemming op de marktvraag.

Nederland en België vallen op

Nederland en België zijn de enige landen waar producentenorganisaties economisch van belang zijn. Elders binnen de EU zijn de verschillen groot. Het aandeel van de door hen verhandelde productie loopt sterk uiteen. Dat varieert van 0,8 procent in Slovenië tot 86 procent in Denemarken. Sommige lidstaten hebben helemaal geen erkende producentenorganisaties.

Ook nationale regels en ondersteuning verschillen. Sommige autoriteiten adviseren organisaties actief en staan financiering voor uiteenlopende maatregelen toe. Andere landen hanteren strengere regels of bieden minder steun. Volgens de auditors veroorzaakt dat een ongelijk speelveld. Dit kan landbouwers ervan weerhouden zich bij een organisatie aan te sluiten. Ook kan het hen weerhouden een operationeel programma voor EU-financiering in te dienen.

Eca.europa.eu

Bron: Europese Rekenkamer