De plannen van het nieuwe kabinet raken direct de voedselketen. Volgens het CPB werken lastenverzwaringen door in hogere winkelprijzen. Producenten zien hun kosten stijgen door nieuwe heffingen. Dat vergroot de druk op marges én koopkracht van huishoudens.
Het coalitieakkoord bevat een suikertaks op voedingsmiddelen met meer dan 6 procent suiker. Deze maatregel moet vanaf 2030 netto 850 miljoen euro opleveren. Het CPB rekent deze opbrengst volledig toe als lastenverzwaring voor bedrijven. Inclusief btw-effect en uitvoeringskosten loopt dit bedrag richting 1 miljard euro, berekende RaboResearch.
Producenten betalen daarnaast al circa 700 miljoen euro per jaar aan verbruiksbelasting op niet-alcoholische dranken. Bij invoering van de suikertaks stapelen de lasten zich op tot minstens 1,5 miljard euro. Volgens de sector zet dit de concurrentiepositie van Nederlandse fabrikanten onder druk, zonder dat extra gezondheidswinst aantoonbaar is.
FNLI stelt dat een suikertaks alleen te verdedigen is bij meetbaar effect op gezondheid. Dat vraagt om duidelijke doelstellingen en monitoring. Ook moet de opbrengst gericht worden ingezet voor preventie en leefstijlinterventies. Een generieke maatregel is naar verwachting onvoldoende doelmatig. Slimme prikkels voor productverbetering en innovatie zouden effectiever zijn. Als de maatregel werkt zoals bedoeld, zal de opbrengst bovendien afnemen.
Naast de suikertaks ligt ook een circulaire plasticheffing op tafel. Een optie is een extra heffing per verpakking. Verkenningen noemen een bedrag van 4 tot 5 eurocent per consumentenverpakking. Volgens de sector is dat ondoelmatig, omdat verpakkingen al vallen onder uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. De extra heffing verhoogt prijzen en zet het gelijke speelveld onder druk, vooral in grensregio’s.
Andere maatregelen versterken het kostenbeeld. Het heffingsplafond voor de Belasting op Leidingwater verdwijnt in 2027. Dat raakt voedingsmiddelenproducenten stevig. De belasting op elektriciteit daalt weliswaar, maar die op gas stijgt. Door netcongestie kunnen veel bedrijven niet overstappen op elektriciteit. Ook hogere nettarieven werken door in de kostenbasis.
FNLI-directeur Cees-Jan Adema zegt: “Wij willen samen met het nieuwe kabinet stappen zetten die werken in de praktijk: maatregelen met onderbouwde effectiviteit en goede uitvoerbaarheid en die tegelijkertijd de betaalbaarheid van boodschappen en het concurrerend vermogen van de Nederlandse voedingsmiddelenindustrie bewaken.”
Bron: FNLI